Geen bedrijf is hetzelfde, een werkdag van een Brzo-inspecteur dus ook zelden. Stuart Gunput inspecteert bedrijven waarbij een verhoogd risico op zware ongevallen als explosies, lekkage of branden bestaat.

Als hij aan de houding van het management merkt dat ze het belang van de aanbevolen maatregelen erkennen en daadwerkelijk uitvoeren, is zijn dag geslaagd. De wijze waarop bedrijven hun veiligheidsprocessen vastleggen in beheerssystemen kan vaak nog wel beter, vindt de ervaren inspecteur.

We lopen langs tanks voor brandbare gassen. Blusleidingen lopen patroonmatig over de tanks, als rode linten zonder cadeaupapier. Vanachter zijn veiligheidsbril neemt Gunput de opstelling nauwgezet in ogenschouw. Hij wijst op een brede pijpleiding tussen twee bassins waarin de tanks staan opgesteld. “Hebben we enkele jaren geleden laten aanleggen om bij een eventuele brand het bluswater beter te kunnen afvoeren.”

“Mijn doel en bevrediging in mijn werk is toch vooral dat bedrijven nut en noodzaak van de inspectie ervaren. En dat ze zien dat we het hun gemakkelijker kunnen maken. Soms moet je bedrijven overtuigen van hun eigen belang hierin.”

Bodyguards

Stuart Gunput houdt zijn tweedaagse inspectiebezoek aan een chemisch bedrijf dat valt onder het Besluit risico zware ongevallen (Brzo). Het bedrijf is ruim vijftig jaar geleden buiten een dorp gebouwd, maar vreemd genoeg inmiddels ingesloten door een bedrijventerrein. Tijdens de anderhalf uur durende rondleiding over het terrein zwermen de veiligheidsmanagers haast als bodyguards om de inspecteur heen. Hij vraagt bij een lpg-tank naar de veiligheidsprocedure rond alarmering ‘in case of… ’. Zijn die protocollen ook goed vastgelegd, ergens terug te lezen, wil hij weten.

“Zo’n rondleiding is vooral ook visueel”, verduidelijkt Stuart. “Aan de omstandigheden op de werkvloer lees je ook af hoe bedrijven met de veiligheidsrisico’s omgaan.” De andere dagdelen gaan op aan het doorwerken van documenten waarin de processen en managementsystemen voor veiligheidsbeheer zijn beschreven en verantwoord. Hij mag dan pretoogjes hebben, niets lijkt de ervaren Stuart Gunput te ontgaan. Zo blijft hij doorvragen en controleren of de acties naar aanleiding van zijn bezoek conform de afspraken zijn voltooid.

Olieterminals

“Elke oktober stel ik met collega’s van de Veiligheidsregio en van de Inspectie SZW de planning voor de gezamenlijke inspectiebezoeken in het volgende jaar op. Een maand voor zo’n bezoek maken we een agenda op voor de inspectie. Dan vragen we ook de relevante documenten op om onze inspectie voor te bereiden. Elk jaar kiezen we ook bepaalde thema’s waar we dieper op ingaan: denk aan management, onderhoud en veroudering van materiaal, opleidingen en het functioneren van de noodorganisatie, om maar eens wat te noemen. Mochten we de indruk hebben dat er weinig gedaan wordt met onze aanbevelingen, dan volgt handhaving en zetten wij zwaardere middelen in, zoals bijvoorbeeld een last onder dwangsom. Wij kunnen daarnaast ook onaangekondigd op de stoep staan.”

Bedrijfsblind

Gunput was eerst werkzaam voor de provincie Utrecht. De Omgevingsdienst NZKG is één van de zes omgevingsdiensten die inspecties doen bij Brzo-bedrijven. Hij en zijn zeven collega Brzo-inspecteurs doen regelmatig controles bij in totaal zo’n honderd risicovolle bedrijven, verdeeld over de provincies Noord-Holland, Flevoland en Utrecht. “De variatie in bedrijven is sinds mijn overstap naar de omgevingsdienst groter geworden. Ik kom nu ook op grotere olie-opslagplaatsen, dat zijn interessante plekken in ons werk. Om te voorkomen dat je ‘bedrijfsblind’ wordt, ruilen we om de vier of vijf jaar van bedrijf. Het is vooral ook leuker nu ik meer collega’s heb om mee te sparren, om cases door te nemen en dilemma’s te bespreken.”

Alert houden

“Mijn doel en bevrediging in mijn werk is toch vooral dat bedrijven nut en noodzaak van de inspectie ervaren. En dat ze zien dat we het hun gemakkelijker kunnen maken. Soms moet je bedrijven overtuigen van hun eigen belang hierin. Gelukkig krijg ik geregeld wel te horen dat ze goed met de aanbevelingen uit de voeten kunnen.” Toch valt het de ervaren inspecteur tegen hoeveel bedrijven na twintig jaar Brzo-regelgeving hun eigen veiligheidsbeheerssystemen echt goed hebben gedocumenteerd. Met verloop van personeel of wijzigingen in de organisatie gaat veel kennis verloren. “Als inspecteurs moeten we samen met bedrijven kijken naar instrumenten en systemen die minder gevoelig daarvoor zijn”, stelt Gunput. “Tegelijkertijd kunnen wij als omgevingsdienst bedrijven ook alert houden. Als wij hen periodiek informeren over wijzigingen in bijvoorbeeld landelijke regelgeving én daarnaast duidelijk maken dat zij zelf verantwoordelijk zijn om aan de regelgeving te voldoen, kunnen zij vóór het inspectiebezoek al laten zien dat zij geanticipeerd hebben op de gewijzigde regelgeving.”

Brandweerman

De betrokken managers van het chemische bedrijf dat we bezoeken hebben in ieder geval een goede houding. Maar zowel de locatiedirecteur als Security, Health & Environment Quality-manager (SHEQ) zijn nieuw. Deze personeelswijzigingen komen onder de titel ‘Management of change’ bovenaan Gunputs inspectielijstje voor 2019. De vorige SHEQ- manager was brandweerman. “Die ervaring is dan best handig”, lacht Gunput. “De bedrijfsbrandweer is hier beter uitgerust dan de lokale brandweer buiten de poort.”